Hoe ga je verder na een oorlog? Hoewel de oorlog in Syrië officieel voorbij is, is het dat voor Sara niet. De mentale impact van is groot.
Sara en haar twee dochters zijn onderweg naar het ziekenhuis wanneer uit het niets een raket hen raakt. Haar ene dochter, net 20 jaar oud en werkzaam als accountant, is op slag dood. De andere dochter, die op dat moment zwanger is, overleeft de aanslag, maar verliest haar rechterbeen. Sara zelf verliest haar linkerbeen en raakt in coma.
‘Na tweeënhalve maand werd ik wakker. Ik dacht dat ik net op de intensive care was aangekomen en was erg in de war. Op dat moment hoorde ik pas wat er was gebeurd.’ De schok is groot. Hoewel ze dankbaar is dat God haar leven heeft gespaard, raakt ze in een mentale crisis. ‘Ik stortte helemaal in, maar weigerde om naar een dokter te gaan. Ik probeerde alles alleen te dragen. Het voelde als een nachtmerrie.’
Jaren gaan voorbij, maar de pijn van het verlies blijft scherp aanwezig. Sara’s man is een grote steun voor haar, maar rouwt zelf ook. Samen proberen ze ermee om te gaan, terwijl ze zich tegelijkertijd aanpassen aan een nieuwe, moeilijke realiteit. Vrienden moedigen Sara aan om hulp te zoeken bij het centrum van het project. Na tien jaar worstelen krijgt ze eindelijk de traumazorg die ze nodig heeft. ‘Het centrum werd een plek waar ik me thuis en veilig voelde. Ik was niet de enige; de andere vrouwen voelden als zussen.’
Naast de psychosociale steun neemt Sara ook deel aan een opleiding in het maken van zoetigheden, omdat ze graag iets nieuws wil leren en weer een gevoel van bestemming in haar leven wil hebben. Ze blijft daarnaast werken als kleer maakster, ondanks haar fysieke uitdagingen. ‘Mijn naaimachine heeft een voetpedaal. Met één been is dat heel vermoeiend. Soms moet ik stoppen omdat mijn gezonde been gevoelloos wordt.’
Sara’s man is zijn baan verloren, en zij zorgt nu voor het inkomen. ‘Dat vind ik helemaal prima,’ zegt ze. ‘Hij heeft altijd voor ons gezorgd, nu is het mijn beurt om voor hem te zorgen. Een dochter verliezen is ontzettend pijnlijk, maar toch wil ik God bedanken voor alles. Ik bewonder de medewerkers van het centrum en de zorg en het respect dat ik hier heb ontvangen. Ik hoop dat het voor veel meer mensen een veilige plek mag zijn waar ze welkom zijn en dezelfde warmte voelen als ik wanneer ik hier binnenkom.’
Om veiligheidsredenen is dit niet haar echte naam en zijn er geen foto's gebruikt.